Waarschuwing: Deze bevindingen zien niet gestoeld op wetenschappelijk onderzoek, maar op de ervaringen van een roekeloze reisjournalist!

Vreemd genoeg is er nog maar weinig onderzoek naar gedaan en dat terwijl de meeste atleten zich in een vergevorderd stadium bevinden. De naam? Het Mowglivirus. Incubatietijd? Een vlucht of treinreis. De symptomen? Trailschoenen bungelend aan de backpack, monkeybarrend in bouwsteigers of slingerend naar de top van de Eifeltoren.

De geïnfecteerde die besluit een paar dagen op reis te gaan, zal de uitwerkingen bij aankomst al snel zien toenemen. Wanneer de eerste koffers door het zwarte gat van de luggage belt worden uitgespuugd, kan hij de drang om over de lopende band te sprinten, de koffertjes met squat jumps ontwijkend, maar met moeite onderdrukken. Inchecken in het hotel gebeurt alleen als de gym is goedgekeurd. Liggen er kettlebells? Check. Hangt er een pull-up bar? Check. Is het zwembad groot genoeg om baantjes te trekken? Vooruit met de geit!

Vooral de sportieveling die langer dan 24 uur op pad gaat, peinst er niet over om zijn trainingsroutine te onderbreken. Een beetje doorgewinterde obstacle runner heeft zelfs voor vertrek via Google Maps opgezocht waar de bebouwde kom rondom het hotel ophoudt en het nationale park met de glooiende heuvels en laaggroeiende takken begint. Twee dagen onafgebroken aan een uitklapbaar campingtafeltje met gehaakt tafelkleedje bivakkeren? U bent virusvrij! ’s Ochtends voor zonsopgang door de branding rennen met een boomstronk op je schouders? Gefeliciteerd, u bent ongeneeslijk besmet!

Hoe hardnekkig het Mowglivirus ook lijkt, toch biedt besmetting voor de virusdrager een boel voordelen. Zo laat de enthousiaste sporter zijn conditie niet verzieken door een dieet van spaghetti all’arrabbiata met extra parmiggiano on top en kan hij bij terugkomst zijn training direct weer oppakken – zonder daarbij het loodje te leggen.

Bovendien wordt de avontuurlijke inborst behoorlijk gekieteld. Het asfalt van Amsterdam wordt het mulle zand van Mauritius, de rekken in de speeltuin de lianen van Suriname en een sprintje op het Kopje van Bloemendaal een klim op de Kilimanjaro. Fijne bijkomstigheid: De selfie op de kop van de krater voor het krieken van de morgen zorgt voor bewonderswaardige blikken op Instagram.

Moeten we nu allemaal (hollend) naar de dokter om ons te laten inenten tegen dit onuitroeibare virus? Integendeel. Pak je goede voornemens in met de rest van je kampeerspullen en omarm je hang naar avontuur. Geef je verblijf in het onbekende net een beetje meer swung door er met mach 10 doorheen te redden, te kruipen, te zwaaien en te tijgeren…maar vergeet vooral niet de warme kaiserbroodjes van dat bakkertje op de hoek mee te nemen. Zo plukt ook je partner de vruchten van jouw infectie.

Tenslotte nog een paar tips om uw virus in goede banen te leiden:

* Hardloopschoenen nemen een hoop ruimte in. De oplossing? Hang ze aan je handbagage!
* De receptie van jouw hotel of camping is jouw kapitein. Informeer naar een rondje off the beaten track
* Ga nooit op pad zónder een opgeladen telefoon met GPS, tenzij je een glansrol wilt in Vermist.
* Een tientje in je back pocket doet wonderen. Mocht bergopwaarts niet meer gaan, dan is de riksja jouw vriend!
* Registreer jouw rondje met Strava, Runkeeper of een andere running app. Vooral lijntjes op piepkleine eilandjes doen het goed.
* Wees creatief. Gebruik bergen, bossen en rijksmonumenten om je Mowglikwaliteiten bij te schaven. Zorg wel voor een goede reisverzekering.
* Het oog wil ook wat. Ga vooral tijdens de gouden uurtjes op pad: Rond zonsopgang- en ondergang.
* In de zomer: Vergeet geen muggenspray en zonnemelk. In de winter: Vooral blijven rennen!